Dit gedicht is van Annemarie Soeteman en heeft geen titel. Hierdoor is het moeilijk om te zeggen waar het over gaat. Het gaat over familieleden die niet goed met elkaar kunnen opschieten, maar toch voor elkaar zorgen hoe hard ze elkaar ook haten.
Het is een kort gedicht dat bestaat uit vijf alinea’s, de middelste drie beginnen met één woord en vormen “toch ook alleen”.
Het is absoluut niet de moeite om te lezen omdat het iets beschrijft wat bij iedereen wel eens kan gebeuren. Het gedicht heeft niets speciaals.


